Plaatselijke en tijdelijke regels – Maastricht

Waarom zijn er regels?

Algemene, plaatselijke en tijdelijke regels zorgen voor veiligheid en eerlijk spel.
Ze gelden wanneer omstandigheden op de baan daarom vragen, zoals bij onderhoud of nat weer.

Huisregels
Iedereen moet zich bij ons welkom voelen! Daarvoor hebben wij HUISREGELS opgesteld. Klik hier voor het overzicht. 

Baanpersoneel heeft altijd voorrang op spelers in de baan. Speel pas verder als zij veilig uit de weg zijn.

Je mag niet met driving range ballen in de baan spelen.

Niet vissen naar ballen, leg plaggen terug, repareer pitchmarks op de green, hark de bunker na gebruik aan en leg de hark buiten de bunker.

Rijd met trolleys, buggy’s en golfscooters niet over kwetsbare gebieden, zoals: de afslagplaats, de (voor)green en het gebied tussen de (voor)green en bunker.

Een bal die op een kort gemaaid gedeelte door de baan ligt, mag zonder straf worden verplaatst of opgenomen en worden schoongemaakt. De speler moet de bal plaatsen binnen 15 cm van de plaats waar hij oorspronkelijk lag, maar niet dichter bij de hole. De speler mag de bal eenmaal verplaatsen of plaatsen en nadat de bal is verplaatst of geplaatst is hij in het spel. Noot: “kort gemaaid gedeelte” betekent elk deel van de baan, met inbegrip van paden door de rough, gemaaid op fairwayhoogte of lager.

Bal schoonmaken: Als de bal in het algemene gebied ligt (dus niet in een bunker, in een hindernis of op de afslagplaats van de hole die je speelt), mag de bal zonder straf worden opgenomen en schoongemaakt, en moet de bal vervolgens worden teruggeplaatst. De speler moet de plek van de bal eerst markeren voordat hij wordt opgenomen en de bal moet worden teruggeplaatst op zijn oorspronkelijke plek.

Droge of modderige gebieden in het algemene gebied, die zijn beschadigd door eerdere overstromingen, herkenbaar als donkere gebieden waar het gras geheel of gedeeltelijk is verdwenen, mogen worden beschouwd als grond in bewerking waarvan ontwijken zonder straf is toegestaan volgens Regel 16.1b

  • De grens van buiten de baan wordt aangegeven door: witte palen, palen met een witte kop of door wit gemarkeerde hekken hagen langs publieke wegen.
  • Een bal die tot stilstand komt in of voorbij een hek/haag langs een publieke weg is buiten de baan. Ook als de bal aan de overkant van de weg tot stilstand komt op een ander deel van de baan.
  • Tijdens het spelen van hole 18 (CC) is de rechterkant, aangegeven door wit/zwarte palen, buiten de baan. Voor het spelen van hole 1 (CC) zijn deze palen een vast obstakel.
  • Grond in bewerking wordt gedefinieerd door elk gebied dat omgeven is door blauwe palen of door een witte of blauwe lijn.
  • Gebieden in bunkers met diepe sleuven die zijn ontstaan door het wegspoelen van zand zijn grond in bewerking (F-1). Er is echter geen sprake van belemmering als de sleuf alleen een belemmering vormt voor de stand van de speler (F-6).
  • Een bunker waar een blauwe paal in staat, is grond in bewerking in het algemene gebied, waarvan ontwijken zonder straf is toegestaan volgens Regel 16.1b. Deze bunker wordt voor deze ronde niet als bunker beschouwd. Elke andere bunker op de baan, of zij tijdelijk water bevat of niet, moet worden beschouwd als bunker zoals bedoeld in de Regels (F-16).
  • Het gebied gemarkeerd met palen met een blauwgroene kop achter de afslag van hole 18 (CC) is een verboden speelzone. Bij een belemmering van deze verboden speelzone is het verplicht dit gebied zonder straf te ontwijken. Als een extra mogelijkheid bij het spelen van hole 18 mag een speler een belemmering door dit gebied ontwijken door gebruik te maken van de met een witte cirkel gemarkeerd ontwijkgebied gelegen rechts voor de verboden speelzone.
  • De met grind gevulde drainage-kanalen op hole 14 zijn vaste obstakels.
  • Palen en draden in heggen en struiken zijn integraal deel van de baan.
  • Buizen en hulzen die een boomstam omgeven zijn integraal deel van de baan.
  • Houten palen die grond onder bewerking markeren, een verboden speelzone markeren, een strafslag gebied markeren en houten paaltjes die een afzetting markeren zijn als vaste obstakels gedefinieerd, ook als ze los staan.

Alle strafslaggebieden zijn rood gemarkeerd. De grens van het strafslaggebied is, daar waar de markering onvolledig is, de breeklijn van het afgaande talud.

Alle niet gemarkeerde strafslag gebieden, zoals ondiepe, praktisch altijd droogstaande drainagesleuven of greppels moeten worden behandeld als onderdeel van het algemene gebied en niet als strafslaggebied.

Straf voor het spelen van een bal van een verkeerde plaats in overtreding van een Plaatselijke Regel is de Algemene Straf volgens Regel 14.7a tenzij anders vermeld.

De verboden speelzone meteen na de afslaggebieden van hole 18 mag niet betreden worden.