Plaatselijke en tijdelijke regels – Reymerswael

Waarom zijn er regels?

Algemene, plaatselijke en tijdelijke regels zorgen voor veiligheid en eerlijk spel.
Ze gelden wanneer omstandigheden op de baan daarom vragen, zoals bij onderhoud of nat weer.

Op deze pagina hebben wij ze voor je verzameld.

Baanpersoneel heeft altijd voorrang op spelers in de baan. Speel pas verder als zij veilig uit de weg zijn.

Je mag niet met driving range ballen in de baan spelen.

Niet vissen naar ballen, leg plaggen terug, repareer pitchmarks op de green, hark de bunker na gebruik aan en leg de hark buiten de bunker.

Rijd met trolleys, buggy’s en golfscooters niet over kwetsbare gebieden, zoals: de afslagplaats, de (voor)green en het gebied tussen de (voor)green en bunker.

Een bal die op een kort gemaaid gedeelte door de baan ligt, mag zonder straf worden verplaatst of opgenomen en worden schoongemaakt. De speler moet de bal plaatsen binnen 15 cm van de plaats waar hij oorspronkelijk lag, maar niet dichter bij de hole. De speler mag de bal eenmaal verplaatsen of plaatsen en nadat de bal is verplaatst of geplaatst is hij in het spel. Noot: “kort gemaaid gedeelte” betekent elk deel van de baan, met inbegrip van paden door de rough, gemaaid op fairwayhoogte of lager.

Bal schoonmaken: Als de bal in het algemene gebied ligt (dus niet in een bunker, in een hindernis of op de afslagplaats van de hole die je speelt), mag de bal zonder straf worden opgenomen en schoongemaakt, en moet de bal vervolgens worden teruggeplaatst. De speler moet de plek van de bal eerst markeren voordat hij wordt opgenomen en de bal moet worden teruggeplaatst op zijn oorspronkelijke plek.

Droge of modderige gebieden in het algemene gebied, die zijn beschadigd door eerdere overstromingen, herkenbaar als donkere gebieden waar het gras geheel of gedeeltelijk is verdwenen, mogen worden beschouwd als grond in bewerking waarvan ontwijken zonder straf is toegestaan volgens Regel 16.1b.

Rode palen met groene koppen zijn een verboden speelzone. Als een bal binnen deze verboden speelzone ligt, mag de bal niet worden gespeeld zoals deze ligt en moet de belemmering door de verboden speelzone worden ontweken volgens Regel 17.1e. Indien de stand of voorgenomen swing wordt belemmerd door de rode palen, de hindernis ontwijken volgens regel 16.1b.

Wordt aangegeven door door witte paaltjes.

Als de bal van een speler niet is gevonden of het bekend of praktisch zeker is dat deze buiten de baan is, dan mag de speler de plaatselijke regel voor slag en afstand toepassen met twee strafslagen i.p.v. de ontwijkoptie van slag en afstand volgens Regel 18. Deze plaatselijke regel is niet van toepassing als een provisionele bal is gespeeld.

Alle afstandspalen op de baan zijn vaste obstakels waarvan ontwijken zonder strafslag is toegestaan volgens Regel 16.1b.

GUR, gemarkeerd met blauwe palen, is een verboden speelzone.Bij een belemmering door zo’n verboden speelzone is het verplicht deze zonder straf te ontwijken volgens regel 16.1f.

Als het bekend of praktisch zeker is dat een bal van een speler een hoogspanningsleiding (of torens of draden of palen die de leiding ondersteunen) heeft geraakt, dan telt de slag niet. De speler moet zonder straf opnieuw een bal spelen van de plaats waar de vorige slag werd gedaan (zie Regel 14.6 voor procedure).

Een vast obstakel in het algemene gebied op de speellijn, dat binnen twee clublengtes van de green en binnen twee clublengtes van de bal ligt, mag ontweken worden volgens Regel 16.1b.Een vast obstakel mag volgens deze plaatselijke regel niet worden ontweken als de speler een speellijn kiest die duidelijk onredelijk is.

Algemene straf.